In 't kort | Hoe komt u bij de Nieberter Molen | Activiteitenagenda

Vanaf de snelweg A7 is de Nieberter Molen niet te missen. Vanaf 1899 domineert deze bijzondere molen de omgeving van het dorp Niebert. De molen vormt samen met het tegenover gelegen Iwema Steenhuis een bijzonder deel van de cultuurhistorische gebouwen die Het Groninger Landschap in eigendom heeft. De Nieberter Molen heeft, in tegenstelling tot de meeste andere molens in de provincie Groningen, nooit een echte naam gehad. De geschiedenis van de molen is echter zeker niet minder interessant dan die van andere molens. Al voor 1628 stond er een houten standerdmolen in het dorp. Deze molen werd in 1895 afgebroken en vier jaar later door de huidige molen vervangen. Nieuw was deze molen echter niet, al in 1818 werd de molen als zaagmolen in het Noord-Groningse Zandeweer gebouwd.

Nieberter molen

Zeskant
Bijzonder aan de Nieberter Molen is de vorm die hij heeft. Als enige molen in de provincie Groningen is de molen geen achtkant of een ronde stenen molen, maar een zogenaamde zeskante stellingmolen. Zeskanten werden veel minder gebouwd in Nederland dan de meer gangbare achtkante molens. De reden hiervan was dat een achtkant als sterker bekend stond dan een zeskant. Voordeel was dat bij een zeskant twee ‘velden’ van de molen kwamen te vervallen en dat daarbij minder hout voor de bouw nodig was. De Nieberter Molen is redelijk zwaar uitgevoerd en doet daardoor zeker niet onder voor zijn achtkante soortgenoten. Als bijzonderheid geldt verder dat de molen, met een stellinghoogte van bijna tien meter, de hoogste zeskante molen van Nederland is.

Maalbedrijf
De Nieberter Molen werd in 1899 gebouwd door molenmaker U. Holman uit Stroobos in opdracht van J.H. Nanninga die zowel molenaar als bakker was. Uniek was deze combinatie niet, in de provincie Groningen en ook daar buiten kwam dit vaker voor. De molen was vroeger uitgerust met het zelfzwichtingssysteem, zoals veel molens in de provincie. De zeilen werden hierbij vervangen door houten kleppen die tijdens het draaien te bedienen zijn. Later werd dit uitgevoerd in combinatie met het stroomlijnsysteem van de Zuid-Hollandse molenmaker Dekker waardoor de molen een grotere productiecapaciteit had. Onder de laatste particuliere eigenaar en molenaar A.B. Hilhorst verdween bij een restauratie in 1965 de zelfzwichting. Het verval trad hierna echter vrij snel in en de storm van 13 november 1972, waarbij vele molens in Nederland grote schade leden, bracht nog meer schade aan de molen toe. 

Restauratie
Door aankoop van de gemeente Marum van de molen in 1973 werd molen van de ondergang gered. Een grote restauratie in 1977 bracht de molen weer terug in zijn oude glorie. Wel verdween bij deze gelegenheid het Dekker-wieksysteem. Sinds deze restauratie wordt de molen regelmatig door vrijwillige molenaars bediend en wordt er veelal op windkracht graan tot meel gemalen voor particulieren. Sinds 2011 is de molen eigendom van Stichting Het Groninger Landschap en vormt het samen met het tegenovergelegen Iwema Steenhuis en de verderop gelegen Coendersborch in Nuis een bijzondere cultuurhistorische driehoek van monumenten in het Zuidelijk Westerkwartier. Eenmaal in de twee weken is de molen op zaterdagmiddag in bedrijf en geopend voor bezoekers.