Pilot natuurinclusieve landbouw Midwolder Bouwten afgerond – interessante bevindingen

De pilot natuurinclusieve landbouw op de Midwolder Bouwten (2019–2025) heeft laten zien dat landbouw een bijdrage kan leveren aan de natuur, maar ook dat deze bijdrage gepaard gaat met uitdagingen. Het praktijkexperiment waar Het Groninger Landschap met een groep wetenschappelijke en agrarische partners in samenwerkte richtte zich op de vraag: wat zijn de effecten van natuurinclusieve landbouw op bodem, biodiversiteit en bedrijfsvoering?

Praktijkexperiment op schaal

Op ruim 60 hectare landbouwgrond nabij Landgoed Ennemaborg in Midwolda werd de afgelopen vijf jaar gewerkt aan een pilot natuurinclusieve landbouw. Tijdens de pilot werd het effect van aanpassingen in de bedrijfsvoering op de biodiversiteit, bodem en de opbrengst onderzocht.  De aanpassingen waren zo gekozen, dat ze voor veel verschillende boeren interessant kunnen zijn. Denk hierbij aan een ruimere variatie gewassen, minder gebruik van bestrijdingsmiddelen, vaste mest in plaats van drijfmest, bloemrijke akkerranden en niet-kerende grondbewerking. De pilot was uniek door de omvang én de intensieve monitoring van bodem, insecten en vogels.

Een brede werkgroep met boeren, onderzoekers en belangenorganisaties speelde een sleutelrol. Deze samenwerking zorgde voor kennisuitwisseling en bijsturing tijdens het project.

Biodiversiteit neemt toe

De grootste verassing van het onderzoek was de toename van het aantal soorten loopkevers. De aantallen kevers zijn gedurende de pilot steeds gelijk gebleven, maar met name in de eerste jaren was een grote omslag in soorten zichtbaar. De algemene soorten namen af en de soorten die bij meer natuurlijke omstandigheden horen namen explosief toe.  Hierdoor weten we dat aanpassingen aan de bedrijfsvoering een grote invloed op de biodiversiteit heeft.

Voor akkervogels zijn de resultaten minder eenduidig. Aantallen namen niet duidelijk toe, en aanpassingen zoals wintergraan en braak hebben tijdens de pilot niet tot een grote verandering gezorgd.  Wel is duidelijke geworden dat ook de omgeving en landschappelijke inrichting een grote invloed hebben.

Figuur 1: Verandering van de loopkevergemeenschap op de Midwolder Bouwten over de tijd.
Bodem en opbrengst: langere adem nodig

Effecten op de bodem bleken lastig aantoonbaar binnen vijf jaar. Bodemprocessen verlopen traag en vragen om langdurig onderzoek. Ook is het moeilijk om een relatie tussen de maatregelen en de veranderingen in de bodem aan te tonen. Wel gaf braaklegging snel meetbare veranderingen.

De opbrengsten laten een wisselend beeld zien. Natuurinclusieve maatregelen leiden over het algemeen tot lagere opbrengsten. Het is niet gelukt om aan te tonen dat er ook minder kosten zijn.

Stap vooruit, maar vervolg nodig

De pilot laat zien dat natuurinclusieve landbouw perspectief biedt voor biodiversiteit. Tegelijkertijd is er een duidelijke spanning tussen ecologische winst en economische opbrengst. Tijdens het project hebben we een beter begrip gekregen van de wisselwerking tussen bodem, biodiversiteit en de bedrijfsvoering. Tegelijkertijd zijn er ook een heleboel nieuwe vragen. We hebben een opzet voor vervolgonderzoek uitgewerkt dat voor iedereen beschikbaar is. Dit en alle resultaten van het project zijn te vinden in het eindrapport.  

Meer informatie over het onderzoek

Wil je het gehele rapport lezen? Klik op de knop om de PDF te downloaden!