In 't kort | Hoe komt u bij Bovenrijge | Activiteitenagenda

Als u vanuit Groningen het dorp Ten Boer binnenrijdt, staan aan uw rechterzijde twee mooie, statige molens, aan de overkant van het Damsterdiep. De grote witte stellingmolen De Widde Meuln en de kleinere zaag- en korenmolen Bovenrijge zijn beide van Stichting Het Groninger Landschap. De molen Bovenrijge is vernoemd naar het buurtschap tussen Thesinge en Ten Boer. Daar stond de molen tot 1976. Landbouwer Van Dijk bouwde hem in 1903 voor eigen gebruik, maar ook uit liefhebberij. Van Dijks grootvader was molenbouwer geweest en heeft de liefde voor het vak op zijn kleinzoon overgebracht. Wellicht samen met gereedschappen en technische tekeningen. De Bovenrijge is gebouwd als grondzeiler. Pas in 1909 plaatste Van Dijk hem op een schuur en bracht hij de stelling aan. De houtgedekte achtkante bovenkruier heeft een vlucht van 10,50 meter. De stelling bevindt zich op een hoogte van 5,6 meter.

Stellingmolens en grondzeilers
De Bovenrijge is een zogenaamde achtkante stellingmolen. De stelling is de houten omloop bovenop een (doorgaans) stenen onderbouw. Stellingmolens zijn daardoor tot wel 12 meter hoger dan grondzeilers. Grondzeilers zijn molens waarvan de wieken bijna de grond raken. Stellingmolens staan meestal in de bebouwde kom. Daar is namelijk meer hoogte nodig om genoeg wind te vangen. Grondzeilers staan in het open veld.

De zeldzame zaagmolen
Zo veelzijdig als (boer, molenbouwer, molenaar) Van Dijk was, zo veelzijdig was ook zijn bouwwerk. De Bovenrijge heeft gediend als poldermolen, zaagmolen, pelmolen en als korenmolen. De aangebouwde schuren zijn nog een tijdje als smederij gebruikt. Diverse apparaten herinneren daar nog steeds aan. De lintzaag en draaibank werken nog. Ze worden aangedreven door windkracht. Ooit hebben er wel 50 zaagmolens in Groningen gestaan, maar nu staat er behalve de Bovenrijge alleen nog één in Woltersum.

Werkgelegenheidsproject
De molen deed zijn werk tot in de jaren ’50. Daarna brak een periode van verval aan. En op 26 september 1976, bij windstil weer, zakte het molentje in elkaar. Dankzij de Vereniging Vrienden van de Groninger Molens en bijdragen van o.m. het Anjerfonds werd de Bovenrijge vanaf 1982 opnieuw opgebouwd, maar nu aan het Damsterdiep. De herbouw stond onder leiding van molenmaker Medendorp en meubelmaker/restaurateur Krabbendam. De oorspronkelijke pelfunctie van de Bovenrijge is niet in de herbouw meegenomen. Op 21 april 1989 werd de molen officieel in gebruik genomen. Het draaien, malen en zagen van de Bovenrijge wordt gedaan door vrijwillige molenaars. Sinds 2007 is de molen eigendom van Het Groninger Landschap.

Zaagmolens staan altijd aan het water. Zo kunnen de boomstammen makkelijk worden aangevoerd. De stammen liggen eerst een jaar in het water (in een ‘balkgat’) voor ze konden worden verwerkt. Daarna worden de stammen over de zaagslede naar een zaagraam geleid. De draaibeweging van de wieken wordt met een krukas omgezet in een verticale zaagbeweging. De zaagslede van de Bovenrijge is nog authentiek.

bovenrijge